De Bermudadriehoek van Simon van Teutem

Simon van Teutem is de schrijver van De Bermudadriehoek van talent, een boek waarin hij verkent hoe het kan dat de grote zakenbanken, advocatenkantoren en consultancies een enorme aantrekkingskracht uitoefenen op de briljantste studenten, en deze als ze eenmaal binnen zijn ook nauwelijks meer laten gaan, terwijl de banen die ze bieden nogal ver afstaan van de idealen van veel van die studenten.

Ik las zijn boek letterlijk in één nacht uit.

Is het een diepdoordacht filosofisch werk, een doorwrochte economische analyse, of een strijdbaar pamflet? Nee. Niets van dat alles. Het is ruim 200 zeer leesbare en goed geannoteerde pagina’s herkenning.

En laat me dat meteen relativeren. Ik ken de wereld van McKinsey, Goldman Sachs en de Clifford Chance niet, en ik heb Cambridge alleen als kind gezien tijdens een vakantie met mijn ouders. Maar ik ken de wereld van de Magic Circle, de Big Three, de Bulge Bracket Firms, en, daar zijn ze, de Big Four, wel van redelijk dichtbij. Als student was ik volgens de capaciteitentests van de TU/e waar ik een blauwe maandag Technische Natuurkunde studeerde geschikt om mee te draaien in die wereld, maar ik miste de ambitie en vooral de werklust om zelfs maar in de buurt te komen. Zes jaar PwC waren wel zes jaar in de accountancy en de IT audit. Dat zat wel tegen consultancy aan, maar zoals Van Teutem direct al bevestigt in zijn boek: accountancy maakt de Big Four tweederangs consultancy firms.

En toch. Letterlijk ieder concept dat Van Teutem beschrijft, iedere ervaring, ieder systeem, ieder voorbeeld herken ik. Niet in dezelfde intensiteit als wat hij meemaakte, maar wel dezelfde vorm. Het verschil tussen de verhalen over maatschappelijke impact en eigen verantwoordelijkheid enerzijds en de geslotenheid van de firms en hun giftige reacties op mensen die publiekelijk zich uitspreken, hoe onschuldig het onderwerp ook. De werkuren. Het vertroetelen van de medewerkers, de gouden handboeien, de constante feedback, het bij de beste willen horen. En ja, de ervaring van nerd op de middelbare school naar gevierde hipo en wat dat doet met je sociale contacten. Zomaar wat voorbeelden.

Wat Van Teutem beschrijft over de wereld van de top zakelijke dienstverleners in investment banks, consultancies en advocatuur, geldt evenzeer voor de wereld van accountancy. En net als in de door hem beschreven sectoren is de top van de pyramide heftiger dan de onderkant. Maar de overeenkomsten zijn minstens opmerkelijk.

Daarmee was zijn boek voor mij enerzijds een feest van herkenning, en anderzijds toch een eye opener. Niet omdat wat hij beschrijft op anekdotisch niveau iets nieuws bevatte, maar omdat hij het systematiseert op een manier die ik nooit eerder gezien heb. En ook nooit eerder zo expliciet zelf herkend heb.

Voor iemand die in de laatste fases van zijn werkzame leven is aangekomen, zoals ik, is het misschien alleen maar een vermakelijk boek. En voor wie deze wereld niet kent of er wel in zit maar zo ver van een partnership bij de Big 4 af dat het niet als “eigen” voelt is het misschien vooral een aanklacht om hoofdschuddend te lezen en daarna weg te leggen.

Ik denk echter dat het meer is, of kan zijn. Hoewel van Teutem eindigt met een aantal suggesties over wat je zelf kan doen als overgetalenteerde high potential die niet in de Bermudadriehoek wil verdwijnen, vind ik wat hij schrijft vooral boeiend voor spelers in de wereld die hij beschrijft die net niet tot zijn Bermudadriehoek behoren, maar die er wel de goede dingen uit willen leren terwijl ze intussen ook betekenisvol werk willen doen, betekenisvolle banen willen bieden en jonge talenten echt de ruimte willen geven de wereld te helpen verbeteren.

Want dat is iets waar ik vooraf wat bang voor was, maar wat Van Teutem niet doet. Zijn boek is niet een soort “weg met het grote geld” geworden. Hij ziet wel degelijk hoe ook de grote consultancies, investment banks en advocatenkantoren betekenisvol, maatschappelijk relevant werk kunnen doen. Alleen doen ze het niet zoveel als ze zelf beweren, of zouden kunnen.

Wie zou dit boek echt moeten lezen? Wat mij betreft in ieder geval iedereen die een studie of een carrière is begonnen in de accountancy en de daaraan gerelateerde advisering, zoals fiscalisten, bedrijfsadviseurs, juristen, HR-adviseurs, subsidie-adviseurs, enzovoort, enzovoort. Maar ook de beroepsorganisaties, de toezichthouders, kantoren, HR-afdelingen vooral, en recruiters. De raden van bestuur en raden van commissarissen van die kantoren. Opleiders. Iedereen die zich afvraagt waarom niemand meer accountant wil worden. En waarom de Big 4 wel nog mensen weten te vinden.

Het boek van Van Teutem heeft niet overal een antwoord op. Het geeft wel hulp bij het zelf beantwoorden van relevante vragen. Mijn afdronk, terwijl ik zijn boek nog echt niet verwerkt heb (ik heb het de afgelopen nacht gelezen en het is nu 9:30 zaterdagochtend, ik heb net ontbeten), voor een paar groepen:

Studenten en young professionals

Van Teutem helpt jullie rechtstreeks, dus ik citeer zijn lijstje met suggesties die hij in zijn boek uitwerkt:

  1. Redeneer vanuit je sterfbed
  2. Rijkdom is je leven langs je eigen meetlat kunnen leggen
  3. Met wie vergelijk je jezelf?
  4. Vind een accountability partner
  5. Wees conservatief met comfort
  6. Vind een niche
  7. Vind plekken waar aanzien en impact elkaar ontmoeten
  8. Wat is het ergste wat er kan gebeuren?
  9. Spreek je uit

Misschien dat de ene suggestie al direct duidelijk is en de andere uitleg nodig heeft, Van Teutem geeft die, maar ik durf na pakweg 35 jaar in deze wereld wel te zeggen dat Van Teutem wat mij betreft 9 keer volstrekt gelijk heeft. Zijn suggesties gaan je niet naar een totaal ander leven brengen, ze gaan je leven in dit wereldje wel totaal beter maken. Veel beter.

NBA, SRA, AFM, MinFin, en al die andere clubs om het beroep heen

Wat is de gesel van het accountantsberoep vandaag de dag? Grote schandalen? Zorgen over fraude? Een gebrek aan zichtbare positieve impact? Of een angst over gebrek aan instroom en te grote uitstroom?

Van Teutem biedt in zijn 9e hoofdstuk “Het kan anders” suggesties over hoe het wereldje anders kan. En hoewel hij zich niet richt op accountants zijn zijn ideeën daar wel degelijk bruikbaar. Goed om ter harte te nemen. En hoewel hij daar wel enigszins de revolutie predikt, ik denk dat veel van de problemen en de beweerde problemen in onze sector helemaal niet zoveel revolutie nodig hebben. Lees zijn boek en laat eens tot je doordringen dat wat hij beschrijft in meer of mindere mate ook de wereld van accountants is, van de young profs vooral, maar ook van de hele sector, de cultuur, de systemen. En bedenk dan dat daar minstens een deel van de sleutel tot verandering ligt.

Wat zou er gebeuren als we de aantrekkingskracht van de sector kunnen behouden of zelfs vergroten door te begrijpen hoe je jonge talenten weet te lokken en te binden, maar daarbij de giftige methodes afwijst en de inhoudelijke betekenis voorrang geven?

Kantoren

De hele sector veranderen is misschien te veel gevraagd. En individuen die de ervaringen van Van Teutem al te goed herkennen worden misschien eerder de sector uitgejaagd waarmee de problemen alleen maar groter worden.

Maar wat als je als individueel kantoor, als bestuurder, als HR-verantwoordelijke, als recruiter, als leidinggevende, als partner, als manager, als collega, nu eens radicaal nadenkt over wat die jonge talenten, young professionals, carrière tijgers en high potentials lokt, afschrikt, bindt en wegjaagt?

Stel eens dat je het boek van Van Teutem leest en niet terzijde legt omdat het toch niet over jou gaat, m aar leest en jezelf dwingt te bekijken in hoeverre het wel over jou en jouw kantoor gaat?

Wat nu als je gaat begrijpen wat de Big Four allang begrijpen over wat die jonge talenten lokt en bindt, die nog geen concreet idee hebben van de wereld, maar die wel een soort vage ambitie hebben betekenisvol te zijn, een bijdrage te leveren, uitgedaagd te worden? En wat als je inziet hoe onze sector bijzonder bedreven is in het slopen van die intrinsieke ambities? Vast meestal niet bewust, maar te vaak wel degelijk in het resultaat? Zou dat geen kansen bieden om talent te vinden, te binden, en een plek te bieden waarin ze echt betekenisvol werk doen en dat ook zo ervaren?

Onzin?

Praat ik onzin?

Wellicht. Want we weten toch dat ons werk enorm belangrijk is? Maatschappelijk bijzonder relevant. We zijn immers impactmakers, we creëren duurzame groei, we zorgen voor ervaringen die mensen bewegen, samen bouwen we aan een weerbaar Nederland, …so you can outthink, outpace and outperform (om maar de kreten op de landingspagina’s van de Big 4 te citeren).

Maar vraag het eens aan een individuele accountant. Wat doen we nu precies voor maatschappelijks relevants? Ik hoor opmerkelijk vaak dingen als “ja, het is een wettelijke verplichting, die controle”, “de klant moet nu eenmaal een jaarrekening hebben” en meer van dat soort bijzonder motiverende teksten.

Ik ben een optimist in twee richtingen:

Ik geloof oprecht dat veel accountantskantoren echt een maatschappelijke ambitie hebben, echt relevant willen zijn. Hoe die ambitie zich exact verhoudt tot de ambitie (veel) geld te verdienen zal variëren, maar geld stinkt niet op zichzelf.

Ik geloof ook even oprecht dat het werk dat wij doen in audit, samenstel, advisering voor ondernemers en ondernemingen, not for profits, overheden, etcetera, echt nuttig is. Ons werk is niet betekenisloos.

Maar weten we dat zichtbaar te maken? Weten we het waar te maken?

Lees De Bermudadriehoek van talent van Simon van Teutem. En gun jezelf dat je het betrekt op jezelf, je eigen organisatie en je eigen sector. In het ergste geval kost het je een nachtje doorlezen. In het beste geval heb je er mooie nieuwe inzichten door en zet het je aan tot actie.